Studieaanbod 3de graad

    3de graad aso
5de jaar en 6de jaar
     
    Economie - Moderne talen
    Economie - Wiskunde
    Economie - Wetenschappen
    Moderne talen - Wetenschappen
    Wetenschappen - Wiskunde

Derde graad


Alle studierichtingen van het Algemeen Secundair Onderwijs (ASO) hebben een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat ze enkel en alleen willen voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs. Het ASO bereidt je niet voor om direct te gaan werken na het beëindigen van je secundaire studies.

Economie wordt abstract benaderd. De algemene economie krijgt de meeste aandacht. Ze bestudeert de economische relaties in een land en tussen de landen in de wereld onderling. Het deelvak bedrijfswetenschappen behandelt de problemen en relaties die kaderen in het bedrijfsbeleid.

In alle ASO-studierichtingen neemt de studie van de moderne talen een belangrijke plaats in. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal en de kennismaking met anderstalige literatuur. Accenten liggen op het ontwikkelen van:

  • communicatieve en creatieve competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen
    (leesstrategieën toepassen, literaire smaak ontwikkelen …);
  • competentie op vlak van taalbeschouwing
    (analyseren van en reflectie over taalstructuren, communicatie, taalfenomenen …);
  • interculturele competenties
    (literair, filosofisch en historisch bestuderen van culturele achtergronden, culturele diversiteit onderkennen en respecteren).

Voor de component wiskunde kan in de derde graad de 6u-cursus – via het complementair gedeelte – nog uitgebreid worden tot 8u. In deze studierichting klimt het onderwijs in de wiskunde naar een vrij hoog niveau van algemeenheid en abstractie. Dit gebeurt via de vakken algebra, meetkunde, analyse, statistiek en kansrekening.

De component wetenschappen omvat de vakken biologie, chemie, fysica en aardrijkskunde. Hier wordt tijd en aandacht besteed aan het verzamelen van empirisch feitenmateriaal en aan de inzichtelijke verwerking ervan. Het verzamelen van feitenmateriaal gebeurt onder diverse vormen: experimentele waarneming in het schoollabo, veldwerk, audiovisueel materiaal, gegevens opzoeken in tabellenboeken en andere naslagwerken. Je wordt geoefend in het kritisch analyseren en evalueren van dit feitenmateriaal.
 

Onderwijskiezer